Stoepranden

Volleyball-icon

Stoepranden is een bekend straatspelletje. Het kan ook prima in de gymzaal worden gespeeld.

Benodigdheden

  • 4 of 5 banken
  • per tweetal 1 bal

stoepranden

Zet 4 à 5 banken in een rij achter elkaar in de lengterichting van de zaal. De groep is verdeeld in tweetallen en elk tweetal heeft één bal.

De tweetallen staan aan weerszijden van de bank op gelijke afstand tegenover elkaar. Het kind dat de bal heeft probeert de bal tegen de bank aan te gooien. Stuit of rolt de bal terug van de bank naar het kind dan verdient het een punt. Als de bal vanaf de bank stuit en gevangen wordt zonder dat de bal de grond raakt verdient het kind twee punten. Het kind dat de bal gooit moet op zijn plek blijven staan en mag niet lopen om de bal te pakken.

Blijft de bal liggen, schiet de bal over de bank heen of kan de bal niet zonder lopen worden gepakt dan is het andere kind aan de beurt. Wie het eerst 10 punten haalt wint het spel.

Variaties/tips/opmerkingen

  • De winnaar van een spel vergroot de afstand tot de bank (2 stappen achteruit).
  • Er worden alleen punten gehaald als de terugstuiterende bal gevangen wordt (lastig!).
Dit bericht is geplaatst in Balspelen, Bewegingsonderwijs met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.